Bij Team Reggeborgh zie je vaak de schaatsers in beeld. Maar de mensen achter de schermen zijn minstens zo belangrijk. Door het werk dat zij doen, kunnen de schaatsers zich volledig focussen op nog betere rondetijden. We nemen jullie de komende tijd mee in een serie interviews met de mensen achter Schaatsteam Reggeborgh. Deze keer is het de beurt aan Desly Hill, assistent coach.

Je komt zelf uit het inline skaten. Wat gebruik je uit je eigen ervaring als topsporter?

Ik weet hoe het is om op hoog niveau te sporten en weet waar de sporters doorheen gaan om elke dag het beste uit zichzelf te halen. Ik probeer onze schaatsers ook vooral op de sociale kant te coachen. Er moet ruimte zijn voor plezier en om onderling grapjes te maken.

Jullie zijn met 4 coaches. Hoe is de onderlinge verdeling?

We hebben niet echt een afgebakende taakverdeling. Twee jaar geleden is Michel bij de staf gekomen en toen is mijn rol veranderd. Ik heb niet meer een actieve rol op het ijs, maar ben meer op de achtergrond betrokken bij de schaatsers. Zelf omschrijf ik mijn rol vaak als “high performance manager”. Hoe zorgen we ervoor dat de sporters op een zo hoog mogelijk niveau kunnen presteren. Misschien ben ik wel een beetje de onzichtbare coach. Schaatsers weten dat ze bij me terecht kunnen voor een praatje en om hun hart te luchten.

Daarnaast houd ik me ook bezig met alle testen die we uitvoeren. In de trainingen verzamelen we veel data over de gezondheid en conditie van de schaatsers. De analyses bespreek ik met Stans (van der Poel, inspannings/data analist) en bijzonderheden bespreken we binnen de staf. Met Michel, Phil en Allard werk ik al lange tijd samen en we weten goed wat we aan elkaar hebben.

Phil Brojaka, Desly Hill en Gerard van Velde

Hoe ziet de voorbereiding in de laatste dagen voor een belangrijke wedstrijd eruit?

Op de laatste dagen voor de wedstrijd is het meeste werk al gedaan en gaat het om de motivatie van de schaatsers om zichzelf te blijven uitdagen. Ik haal de meeste voldoening uit de dagelijkse bezigheden en het motiveren van de schaatsers. Natuurlijk blijven we trainen en doen we allerlei metingen en oefeningen. Wat gaat er goed, wat kan beter? Na de training check ik de data, bespreek bijzonderheden en geef dit door aan het team. In de middag ben ik vaak bij een krachttraining en voer daar allerlei metingen uit. En natuurlijk is er ruimte om even met elkaar te praten.

Als we één van de schaatsers van het team zouden vragen om je te omschrijven, wat zouden ze dan zeggen?

Dat moet je eigenlijk aan ze zelf vragen. Maar ik hoop dat ze zeggen dat ik goed benaderbaar ben en ze met alles wil helpen. Als staf zijn we eigenlijk ondergeschikt, we doen er alles aan om het beste resultaat te bereiken voor de schaatsers. Ik voel me erg betrokken bij de sporters en ben erg trots op de resultaten die we samen behalen.

Je bent geboren in Australië, wat mis je het meeste?

Dat zijn drie dingen: mijn familie, de oceaan en het weer. Door de hele coronasituatie heb ik mijn familie lange tijd niet gezien. Normaal gesproken gaan we om het jaar naar Australië en ik hoop dat ik dit jaar wel weer Down Under kan gaan.

Hoe zou je het schaatsteam omschrijven?

Het is een heel divers team. We hebben schaatsers die al heel lang meedraaien in de top, zoals Ireen, Kjeld en Hein en een aantal jonge talenten die aan het begin van hun carrière staan. Ik vind het mooi om te zien dat ze van elkaar leren en ook echt dingen van elkaar aannemen. Er is enthousiasme in het team en ze hebben onderling plezier.

Als je niet aan het trainen bent, waar kunnen we je dan vinden?

Thuis bij mijn familie en mijn zoontje. Maar ook op de mountainbike. Afgelopen jaar heb ik veel samen met de schaatsers gefietst. Ik ga natuurlijk niet zo hard, maar kom zeker goed mee. Samen met een aantal vrienden heb ik meegedaan aan een mountainbiketocht van 200 kilometer in Drenthe. In de stromende regen, maar ik voelde de druk om door te gaan. Ik houd erg van sporten en blijf mezelf uitdagen! Dit jaar wil ik eigenlijk wel meedoen aan een gravelbike tocht en als we naar Australië gaan, dan ligt de surfplank al voor me klaar!

Bij Team Reggeborgh zie je vaak de schaatsers in beeld. Maar de mensen achter de schermen zijn minstens zo belangrijk. Door het werk dat zij doen, kunnen de schaatsers zich volledig focussen op nog betere rondetijden. We nemen jullie de komende tijd mee in een serie interviews met de mensen achter Schaatsteam Reggeborgh. Deze keer is het de beurt aan Rick Oosterlaar, fysiotherapeut.

Wat doe je als fysiotherapeut bij een schaatsteam?

We werken vooral preventief. Rondom trainingen en wedstrijden zorgen we voor het mobiliseren van de gewrichten en massages. De belangrijkste gewrichten die je gebruikt tijdens schaatsen zijn je heupen, enkels en rug. Als je het schaatsen volgt, zie je dat de schaatsers erg diep zitten en ver voorovergebogen. Om dit te bereiken moet er dus voldoende beweeglijkheid in deze gewrichten worden gecreëerd. Maar we zijn niet alleen met behandelingen bezig.

Als we op trainingskamp zijn of in voorbereiding op wedstrijden in een hotel verblijven hebben we afstemming met de kok van het hotel over de eettijden en wat er op het menu staat. Ook zijn er altijd wel andere klussen die we samen oppakken. Denk aan het organiseren van gezondheidstesten, of het assisteren rondom de trainingen. Voor een optimaal resultaat moet alles goed op elkaar worden afgestemd. Ik werk nauw samen met Johan, de andere fysiotherapeut in het team. We overleggen veel over de belastbaarheid van de rijders en koppelen dit weer terug aan de trainers.

Hoe ben je bij het schaatsteam terecht gekomen?

Vier jaar geleden was er tijdens de World Cup in Salt Lake City geen fysiotherapeut beschikbaar om mee te gaan met het team. Ik ben toen meegevraagd en zo bij het team betrokken geraakt. De schaatssport was op dat moment niet onbekend voor mij, ik werkte al een tijdje in het marathonschaatsen.

Wat is je mooiste moment tot nu toe bij het team?

Het is natuurlijk erg gaaf wanneer schaatsers grote prijzen pakken. Maar ik heb nu ook al meerdere keren meegemaakt dat jonge schaatsers zich voor het eerst plaatsen voor de wereldbekers of de olympische spelen, dat soort momenten ontroeren me misschien nog wel het meest.  Als fysiotherapeut hoop je niet op blessures, maar als ze voorkomen, maak je samen met het team een goed plan. Vorig jaar hebben we Mathias intensief begeleid bij zijn liesblessure. Als ik dan nu zie dat hij zich geplaatst heeft en fit is voor de Spelen, ben ik trots op die teamprestatie.

Op welke bijzondere plekken ben je met het team geweest?

We komen natuurlijk op veel verschillende plekken op de wereld. Gemiddeld zijn we ruim 100 dagen van het jaar onderweg. Ik ben twee keer in Japan geweest, maar ook al in ‘vreemde’ landen als Kazachstan en Wit-Rusland. Calgary blijft voor mij ook een magische plek. Daar heb ik met een aantal van het begeleidingsteam na een wedstrijd ook al eens geskied na afloop van het seizoen. Dat was echt een unieke belevenis.

Vaak zie je niet veel, vooral het hotel en de ijsbaan. Maar als er tijd is ga ik graag even hardlopen. Mijn hardloopschoenen gaan in ieder geval altijd mee op reis, een fijne manier om even je zinnen te verzetten en toch nog wat te zien van de omgeving.

Sta je zelf ook wel eens op de schaatsen?

Als er natuurijs is gaat alles aan de kant en sta ik elke dag op het ijs, rondom Giethoorn bijvoorbeeld. Schitterend! Helaas is dat niet zo vaak het geval. Ik richt me dan ook meer op hardlopen. Toen de rijders bijvoorbeeld een rustdag op Mallorca hadden, trainde ik voor de marathon van Rotterdam. Ook houd ik van mountainbiken en wielrennen.

Je zorgt op trainingskampen ook voor afstemming met de kok. Wat staat er vaak op het menu?

Het klinkt misschien wat saai, maar juist voor topsporters moet de basis gewoon heel goed zijn. Koolhydraten, eiwitten, voldoende groente. Pasta heeft vaak de voorkeur. Het is dan ook niet gek dat trainingskampen naar Collalbo in Italië favoriet zijn he?

Wat vind jij belangrijk in de relatie met de schaatsers?

Als de schaatsers op de behandeltafel liggen, bespreken we veel zaken. Je bent toch ook een vertrouwenspersoon voor ze. Ik vind het vooral erg belangrijk dat de schaatsers vertrouwen krijgen in hun eigen lichaam. Ik geef ze dit mee, maar laat ze ook vooral zelf voelen dat het goed is. Net voordat ze op het ijs gaan ondersteun ik ze met de laatste dingen en spreek de laatste motiverende woorden. Het is mooi om zo dicht bij ze te staan en ze zo goed mogelijk te ondersteunen. Alleen zo kunnen ze het beste uit zichzelf halen.  

Bij Team Reggeborgh zie je vaak de schaatsers in beeld. Maar de mensen achter de schermen zijn minstens zo belangrijk. Door het werk dat zij doen, kunnen de schaatsers zich volledig focussen op nog betere rondetijden. We nemen jullie de komende tijd mee in een serie interviews met de mensen achter Schaatsteam Reggeborgh. Deze keer is het de beurt aan Michel Mulder, assistent trainer bij het team.

Er zijn 4 trainers bij ons team, wat is precies jouw rol?

Ik ben technisch trainer. Samen met Gerard sta ik vaak op het ijs om aanwijzingen te geven. Naast dat je de schaatsers traint, ben ik onder andere het aanspreekpunt voor de KNSB. We zorgen ervoor dat alle schaatsers een eigen dagschema hebben en dat de logistiek geregeld is. Tijdens het OKT reden onze schaatsers op verschillende dagen en tijdstippen. Een hele puzzel om te zorgen dat iedereen op zijn of haar moment klaar is om het beste uit de race te halen. Als staf zorgen we ervoor dat de schaatsers zich alleen hoeven te focussen op het schaatsen. Iedereen heeft zijn eigen rol in het team, maar soms ben je ook gewoon het manusje van alles. Bij het OKT heb ik de schaatsen nog even geslepen.

Je hebt eerst zelf geschaatst bij Team Reggeborgh en 2 jaar geleden de overstap gemaakt naar coach. Hoe ging deze overstap?

Eigenlijk vrij vloeiend. Ik merkte dat ik als schaatser niet meer mee kon met de allerbesten en besloot te stoppen. In de laatste jaren van mijn actieve carrière heb ik ook vaker uitgesproken dat ik daarna trainer zou willen worden. Er kwam een plekje vrij als assistent-coach in het team en ik ben blij dat ik die plek heb gekregen. Doordat ik eerst als schaatser heb meegetraind weet ik hoe er gewerkt wordt binnen het team. Met mijn ervaring hoop ik een positieve bijdrage te kunnen leveren aan de carrière van de schaatsers.

Hoe ziet het schema er de komende weken uit?

Dit weekend is het EK in Heerenveen. Kjeld, Hein, Femke, Michelle, Ireen en Mathias hebben zich geplaatst voor de Olympische Spelen en hebben zich daarmee ook geplaatst voor het EK. De rest van het team traint nu voor het NK op 22 en 23 januari. Ondanks de verschillende schema’s zorgen we er wel voor dat ze als team zoveel mogelijk samen trainen. Natuurlijk zit deze week een deel van het team in de bubbel vanwege de coronamaatregelen tijdens het EK, maar na dit weekend zijn ze wel weer meer samen te vinden op het ijs in Heerenveen.

Ga jij mee naar Beijing?

De kans is wel heel groot dat ik er naartoe mag, aangezien 6 schaatsers van ons team hebben zich geplaatst. Op dit moment maakt de NOC*NSF een indeling welke staf er mee mag. Meedoen aan de Olympische Spelen is uniek en ik heb dit natuurlijk zelf meegemaakt in Sotsji. Het is jammer dat de beleving nu anders zal zijn voor onze schaatsers die voor het eerst naar de Spelen mogen. Natuurlijk gaat het om de sportieve prestatie, maar de beleving is uniek.

Heb je nog tips voor Hein, Femke, Michelle en Mathias die voor het eerst naar de Spelen gaan?

Het is de grootste wedstrijd, maar probeer het echt te zien als een gewone wedstrijd. Je moet nog steeds 2x linksaf de bocht door. En natuurlijk doe je er alles aan om het maximale eruit halen op jouw afstand. Het belangrijkste: Geniet! Het gevoel om daar aan de start te staan is uniek.

Jullie zijn veel op weg. Wat gaat er altijd mee in de koffer op trainingskamp?

Hardloopschoenen. Nu ik coach ben train ik zelf niet meer mee met het team. Als er een vrij moment is en ik heb nog energie over, ga ik wel graag een rondje hardlopen of een andere sport uitoefenen.

We volgen je natuurlijk ook op social media en zagen een filmpje van een zingende Michel. Hobby of zien we je in de volgende Masked Singer?

Het is een hobby, maar ze mogen mij altijd bellen en dan doe ik graag mee. Nadat ik ben gestopt met schaatsen heb ik het zingen actiever opgepakt en ik vind het erg leuk om te doen.

Bij Team Reggeborgh zie je vaak de schaatsers in beeld. Maar de mensen achter de schermen zijn minstens zo belangrijk. Door het werk dat zij doen, kunnen de schaatsers zich volledig focussen op nog betere rondetijden. We nemen jullie de komende tijd mee in een serie interviews met de mensen achter Schaatsteam Reggeborgh. Deze keer is het de beurt aan Allard van der Meer, krachttrainer bij het team.

Wat doet een krachttrainer precies?

Je zorgt ervoor dat schaatsers zo weinig mogelijk blessures oplopen. Dat doen we met verschillende soorten oefeningen. Een aantal zul je zelf misschien herkennen als je fitnesst zoals squats, box jumps en gewichtheffen. Onze schaatsers komen vooral uit op de korte afstanden. Daarom is het belangrijk, dat ze de eerste 100 meter goed en snel van start gaan. Elke week maak ik een nieuw trainingsschema met verschillende oefeningen.

Hoe ben je bij het schaatsteam betrokken geraakt?

Ik kom eigenlijk helemaal niet uit de schaatssport, maar ben er al wel heel lang bij betrokken. Met Michel Mulder en Desly Hill werk ik al meer dan 10 jaar samen. Toen zij naar de schaatsploeg zijn gegaan, ben ik ook meegegaan. Dit is mijn derde seizoen bij de schaatsploeg.

Als we de naam Allard van de Meer googelen, komen we uit bij SC Heerenveen. Hoe zit dat?

Naast mijn werk als krachttrainer bij de schaatsploeg werk ik ook bij SC Heerenveen. Op dinsdag en vrijdagmiddag ben ik te vinden in Thialf en trainen we samen. De rest van de trainingen is vaak op afstand of nemen we telefonisch met elkaar door. En de schaatsers kunnen mij natuurlijk altijd bellen of appen als ze vragen hebben.

Ga je ook mee op alle trainingskampen?

Niet altijd, maar met de voorbereidingskampen in het voorjaar ga ik wel vaak mee. Deze zijn erg belangrijk in de voorbereiding op het seizoen en in de opbouw van de verschillende schema’s. Laatst waren de schaatsers in Collalbo en toen was ik niet mee. Als krachttrainer kun je veel begeleiding ook op afstand doen en voor ons werkt dit goed.

Bind je zelf de schaatsen ook regelmatig onder?

Nou, als er ijs ligt dan ga ik zeker schaatsen, maar op recreatief niveau. En verder volg ik onze schaatsers natuurlijk vanaf de tribune of zoals nu tijdens de lockdown vanaf de bank.

Waar kunnen de schaatsers je midden in de nacht voor wakker maken?

Iedereen in ons team is erg betrokken, dat merken we onderling ook. We staan voor elkaar klaar en gaan voor elkaar door het vuur. Als staf wil je dat de schaatsers iedere wedstrijd weer een topprestatie kunnen leveren. We zijn heel goed op elkaar ingespeeld en kunnen zo het team het beste ondersteunen. Het draait om de schaatsers en wij doen er alles aan om ze zo goed mogelijk te helpen. Dus ze kunnen me ook midden in de nacht bellen als ze een wedstrijd aan de andere kant van de wereld hebben. En natuurlijk mogen ze me altijd bellen voor een goed stuk vlees van de barbecue!

Bij Team Reggeborgh zie je vaak de schaatsers in beeld. Maar de mensen achter de schermen zijn minstens net zo belangrijk. Door het werk dat zij doen, kunnen de schaatsers zich volledig focussen op nog betere rondetijden. We nemen jullie de komende tijd mee in een serie interviews met de mensen achter Schaatsteam Reggeborgh. We beginnen met Henk Schra, de teammanager. Henk is al vanaf het begin van het team betrokken.

We zijn benieuwd wat een teammanager precies doet. Kun je daar meer over vertellen?  

“Het is eigenlijk een heel veel omvattende functie. Als onze schaatsers nieuwe kleding, fietsen, schaatsen of andere materialen nodig hebben, regel ik dat. Maar ook contractbesprekingen, de financiën en afspraken met onze sponsoren en suppliers. Als we op trainingskamp gaan, regel ik de accommodatie en het vervoer. Ondertussen ben ik aardig op de hoogte van de verschillende hotels die er in Inzell, Collalbo, Calgary,  Salt Lake City etc. te vinden zijn.

Eigenlijk regel ik alles wat met het team te maken heeft, behalve het technische gedeelte van het schaatsen. Dat ligt echt bij Gerard en de andere coaches. Samen bespreken we wel veel en hebben we veel overleg. Je staat 24/7 voor de schaatsers klaar. Afgelopen week kwam een aantal van de schaatsers terug uit Salt Lake en vlogen door naar Collalbo in Italië, naar Spanje of Calgary. Een logistieke puzzel, maar ik ben blij als alles weer goed gelukt is en iedereen op de juiste plek is aangekomen. “

Wat heb jij zelf met schaatsen?

“Ik ken de schaatswereld goed, vanwege mijn eigen winkel Stouwdam Sport en in het verleden heb ik zelf ook geschaatst. Van mijn 17e tot mijn 35e heb ik geskeelerd en marathons geschaatst. Bij een aantal EK’s en WK’s skeeleren zat ik bij de top 5 van Nederland, net onder de bekende rijders als Erik Hulzebosch. Ik deed dit naast mijn werk en dat was op een gegeven moment niet meer te combineren. Ik heb mijn schaatsen in de wilgen gehangen en ik ben wel blijven fietsen en ben erbij gaan voetballen. Na een tijdje ging het toch weer kriebelen en ik heb altijd contact gehouden met mensen in de schaatswereld.”

Henk in zijn vroegere jaren op de skeelers

Hoe lang ben je al betrokken bij het schaatsteam?

“Vanaf het eerste moment. Gerard had in 2017 wel een heel mooi team, maar geen sponsor. Via via zijn we toen met Reggeborgh in gesprek gekomen en in 2018 hebben we een contract afgesloten. Dat was de start van het schaatsteam. Dit jaar hebben we met Reggeborgh het sponsorcontract verlengd tot de Olympische Spelen in 2026. “

Schaats je nu zelf ook nog?

“Ik probeer toch wel 1x per week naar de schaatsbaan te gaan om nog lekker rondjes te rijden.  Tussen de recreanten natuurlijk en hopelijk komt er deze winter weer natuurijs en kunnen we heerlijk buiten schaatsen. “

Dit jaar is een bijzonder jaar voor Ireen. Ze heeft afgelopen weekend in Salt Lake City weer goed geschaatst en is nu in Spanje om zich goed voor te bereiden op het OKT. Afgelopen weekend stond een interview in de Telegraaf, geschreven door Nick Tol. Ze vertelt meer over haar rol in het team. Lees hier het hele interview.

Touren door Salt Lake

Heb je zin om op een elektrische step door de stad te toeren?”, vraagt Ireen Wüst voor de deur van naar hotel in het centrum van Salt Lake. Ze heeft een rustdag, is goed gemutst en de weersomstandigheden zijn voortreffelijk. Een paar minuten na haar vraag scheurt ze met 20 kilometer per uur langs de hoge Amerikaanse gebouwen en bomen met kerstversiering. „Dit zou ik tot een paar jaar terug echt nooit hebben gedaanin zo’n belangrijk seizoen”, zegt ze nadat ze wat vaart heeft veminderd. „In dat opzicht ben ik wel relaxter geworden. Bij veel keuzes die ik maak, denk ik: ik kan er maar beter nu het beste van maken. Ik durf meer te genieten van het moment. Je kunt alles wel voor je uitschuiven, maar hoe vaak hoor je wel niet verhalen over mensen die alles uitstellen en vervolgens veel te jong overlijden?”

Bewust genieten

Wüst is naar eigen zeggen anders in het leven gaan staan na het verlies van haar beste vriendin Paulien van Deutekom op 2 januari 2019. De ex-schaatsster was pas 37 jaar. „Ik heb van dichtbij gezien hoe snel het voorbij kan zijn. Een half jaar nadat ze de diagnose longkanker kreeg, was ze er niet meer. Dat heeft me aan het denken gezet. Dat wil niet zeggen dat ik in één keer roekeloos ben gaan leven of mijn geld over de balk smijt. Het zit vooral in de kleine dingen, zoals nu heel bewust genieten van deze rustdag en mezelf niet steeds druk te maken over dingen die ik niet kan veranderen. En een ander voorbeeld: laatst had ik een relatief dure espressomachine op het oog. Vroeger zou ik die dan niet hebben gekocht, maar nu denk ik: ik kan het missen en het brengt me elke dag goede koffie. Waarom zou ik het niet doen?” Van Deutekom flitst elke dag nog wel een keer voorbij in haar gedachten. Zeker nu het schaatsseizoen weer bezig is en ze voor het laatst in stadions rijdt waar ze vaak samen zijn geweest, zoals de Olympic Oval in Salt Lake. „In de eerste fase na haar overlijden was ik intens verdrietig en werd elke herinnering aan Paulien overspoeld door tranen. Nu is het gemis er nog steeds en het verdriet soms ook, maar ik kan ook genieten van de herinneringen. En erom lachen. Dat voelt fijn. Het zal altijd pijn blijven doen, maar ik durf wel te zeggen dat ik het geluk heb hervonden.”

Internetten bij de universiteit

Terwijl ze terugdenkt aan vervlogen tijden, schrikt ze soms van hoe snel haar leven als schaatsster voorbij is gevlogen. „Je gaat maar door en door met wat je het liefst doet, maar dan opeens ben je 35 jaar en is het einde nabij”, zegt ze, wachtend voor een rood stoplicht. „Tegelijkertijd is er zóveel veranderd in de wereld. Ik klink nu misschien als een ouwe doos, maar toen ik voor het eerst als schaatsster in Noord-Amerika was, moest ik nog naar de plaatselijke universiteit om daar voor flink wat geld een uurtje te kunnen internetten op een computer. Dan kon ik een mailtje sturen naar mijn ouders om te melden dat ik veilig was aangekomen en een dag later ging ik terug om te kijken of ik reactie had.

FaceTimen met vrienden

Ik heb zelfs de telefooncel nog meegemaakt. Dan was ik in Canada en belde ik midden in de Nederlandse nacht vol trots naar mijn ouders om te vertellen dat ik drie wereldrecords bij de junioren had verbroken.” Het voelt allemaal als de dag van gister. „Maar ondertussen was ik net via mijn smartphone aan het FaceTimen met een vriendin die tussendoor haar kinderen in bad deed. Wat dat betreft is mijn leven als topsporter wel een stuk aangenamer geworden. Doordat ik heel vaak op reis ben, mis ik veel sociale activiteiten en dat is best weleens moeilijk. Maar sinds ik de laatste jaren met én druk op de knop kan videobellen naar Nederland, mis ik mijn familie en vrienden minder dan voorheen.”

70 medailles!

Die junior in de Canadese telefooncel had nooit durven dromen dat ze uiteindelijk de succesvolste schaatsster ooit zou worden. Op haar erelijst prijken 70 (!) medailles die ze won op grote internationale toernooien, waaronder 34 keer goud. En nog steeds rijdt ze bijna geruisloos mee in de wereldtop, terwijl veel van haar generatiegenoten allang zijn afgehaakt. Gezien haar huidige vorm is de kans reëel dat ze in februari in Peking voor de zesde keer olympisch goud verovert. „Ik ga lekker en lig op schema”, bevestigt ze zelf. „Ik voel me ook echt wel gezegend dat ik op deze manier mijn laatste seizoen kan afwerken, in plaats van dat ik ergens in de achterhoede rondrijd. Natuurlijk is het nog niet
zeker dat ik me plaats voor de Spelen, maar ik heb er wel alle vertrouwen in dat het me lukt. Dat zou het gedroomde slotakkoord zijn.” Dit weekeinde komt ze in Salt Lake in actie op de 1000 meter, ploegenachtervolging en 1500 meter.

Schaatsen is haar grote liefde

Aansluitend gaat ze traditiegetrouw op trainingskamp naar het Zuid-Spaanse Nerja en dan staat eind deze maand alweer het bloedstollende olympisch kwalificatietoernooi in Thialf op het programma. Na de Winterspelen (4- 20 februari) wacht in het weekend van 12-13 maart haar laatste wedstrijd: de World Cup-finale in haar geliefde Thialf. „Het voelt wel gek om daar over na te denken, merk ik. Ik weet ook helemaal niet hoe ik dat ga ervaren. Schaatsen is mijn grote liefde, waarvoor ik nog steeds elke dag met veel plezier mijn bed uitkom. Het zal niet meevallen om dat los te laten. Ik denk dat het gemis pas echt komt vanaf april, als normaal gesproken de trainingen weer beginnen. Ik ga natuurlijk wel aftrainen en mijn ploeggenoten zeggen al dat ik gewoon met ze mee moet blijven fietsen. Maar dat zal toch anders aanvoelen, zonder al die strakke schema’s. Mijn leven zal ingrijpend veranderen.” Ze lacht: „Nu kan ik nog elke middag een uurtje slapen zonder dat iemand er raar van opkijkt. Ik denk dat ik straks in het begin kapot ga zijn na al die lange dagen…”

Mentor voor de talenten binnen het team

Na een vakkundige bocht op hoge snelheid parkeert ze haar elektrische step voor Blue Copper Coffee, een hippe koffiebar waar Wüst bijna elke dag komt met haar ploeggenoten van Team Reggeborgh. Ze bekommert zich met plezier om talentvolle collega-schaatsers, zoals nu Femke Kok. De 21-jarige sprintster heeft met Wüst een mentor die alles al heeft meegemaakt. „Met mijn eigen ervaringen hoop ik de nieuwe generatie te kunnen inspireren”, zegt de vijfvoudig olympisch kampioene nadat ze een flat white heeft besteld en een tafeltje bij het raam heeft uitgezocht. Femke zit nu bijvoorbeeld in een fase die ik zelf ook heb meegemaakt. Vorig jaar reed ze geweldig en won ze veel medailles. Dan weet je dat de pers op je duikt en dat je het daarna alleen nog maar goed kan doen als je wint. De
druk neemt fors toe en als je niet oppast, kun je jezelf daarin verliezen. Zeker in periodes waarin het niet lekker loopt.”

Eigenwijs?

Wüst kan het weten. Ze raakte zelf meermaals zwaar overtraind. „Ik probeer mijn jonge ploeggenoten te behoeden voor de dingen die ik zelf beter had kunnen doen. Vroeger was ik stronteigenwijs en wilde ik alleen maar trainen, want dat geeft je de meeste voldoening als atleet. Maar je moet ook durven te rusten, blijven vertrouwen op wat voor jou goed voelt en vooral niet jezelf alles ontnemen. Serieus zijn is goed, maar dat wil niet zeggen dat je nooit een keer op stap mag gaan of iets dergelijks.” De geboren Brabantse wil ook na haar carrière een mentorrol blijven vervullen, om ambitieuze professionals binnen én buiten de sport te helpen in hun ontwikkeling. Ze staat al in contact met een aantal bedrijven en sportorganisaties.

Daarnaast is ze in de race om een zetel in de atletencommissie van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) te bemachtigen én ze heeft zich ingeschreven voor een hbo-studie: psychomotorische therapie en bewegingsagogie. Wüst: „Ik hoop dat ik daar vanaf september deeltijd mee aan de slag kan. Het is een soort leer- en werktraject, waarbij ik twee dagen per week zou gaan stagelopen bij een organisatie die zich richt op kinderpsychiatrie. Alleen het is een gewilde studie, ik moet eerst ingeloot worden en een bewegingstest afleggen. Het is eigenlijk de bedoeling dat je dat tussen 31 januari en 4 februari doet. Maar ja, in die periode hoop ik nog even ergens anders te zijn.” In Peking natuurlijk. „Dan doe ik die test wel op een ander moment…

Wonen in Heerenveen en Terherne

Eén ding zal in elk geval onveranderd blijven in het leven van Ireen Wüst: ook na haar schaatscarrière blijft ze samen met haar partner Letitia de Jong in Heerenveen wonen. „Ik heb altijd gezegd: als ik stop met schaatsen, dan ben ik daar zo snel mogelijk weg”, vertelt ze lachend. „Maar we wonen daar nu zo heerlijk. We hebben sinds kort een hond: Billy. En vanaf ons huis zijn we binnen vijf minuten in de bossen van Oranjewoud om haar uit te laten. Daarnaast hebben we een tweede huisje in Terherne, bij de Friese wateren. Op een mooie dag stappen we in de auto en kunnen we binnen een half uur op de boot zitten. Barbecue aan en lekker de zonsondergang bekijken. Dat gevoel is uniek.”

Bron: Telegraaf, 4 december 2021